Vrouwen bouwen aan Gods koninkrijk

Seëra

Soms kom je in de Bijbel ineens een vrouw tegen van wie je nog nooit gehoord hebt.

Voor mij was Seëra zo’n vrouw.

In 1 Kronieken 7:24 lees je:

Zijn dochter was Seëra; zij stichtte Laag-Bet-Choron, Hoog-Bet-Choron en Uzzen-Seëra.

Een vrouw die drie steden stichtte? In het Oude Testament, toen vrouwen altijd in hun tent bleven om het huishouden te doen? Hoe zat dat?

Er staat heel weinig over haar in de bijbel: met dit ene zinnetje moeten we het doen.

We weten dat Jozef getrouwd was met Asnath, de dochter van een Egyptische priester. Er wordt vermoed dat zij een zwarte vrouw was, maar dat weten we niet zeker. Jozef en Asnath kregen twee zoons: Manasse en Efraim. Deze zoons trouwden en kregen kinderen. In 1 Kronieken 7 vind je hun stambomen. Efraim was vader geworden van Sutelach, Ezer en Elad. Het lijkt erop dat zij nog voor de uittocht uit Egypte weer in Kanaän zijn gaan wonen. Ezer en Elad leefden daar waarschijnlijk als nomaden, als veedieven. Ze roofden vee van de inwoners van Gat en werden daarom door hen vermoord. Efraim was intens verdrietig over de dood van zijn zonen. Hij rouwde lange tijd om hen. Zijn familie probeerde hem te troosten. Toen werd zijn vrouw opnieuw zwanger en baarde een zoon: Beriach – ongelukkig.

Uit de tekst kunnen we niet goed afleiden of Seëra de dochter of de zus van Beriach is geweest. Sara Japhet ziet haar als Efraims dochter (The writings and later wisdom books p46), dus de zus van Beriach. Ze had in elk geval nog een broer, Refach, de voorvader van Jozua die na Mozes het volk Israel leidde. De naam Seëra betekende “bloedverwant” of “restant”.

Seëra bracht verandering: ze bouwde steden. Of ze getrouwd is, kinderen kreeg, naast haar werk een traditionele vrouwenrol invulde: we weten het niet. We weten alleen dat ze opviel doordat ze drie steden bouwde. De eerste steden van Israel in Kanaän?

Hoog-Bet-Choron en Laag-Bet-Choron lagen bij een strategische weg door een bergpas. Een weg die toen en later nog een belangrijke rol gespeeld heeft in de geschiedenis van Israel, bij het verdedigen van haar volk, haar familie. En ze bouwde Uzzen-Seëra. Een opvallende naam: het betekent “Deel van Seëra”, “Oor (van/naar) Seëra” of “Luister naar Seëra”.

Haar achterneef Jozua achtervolgde rond 1350 vC een vijandelijk leger uit Gilgal tot aan de weg tussen Hoog- en Laag-Bet-Choron. In Jozua 10 lees je:

Ze achtervolgden hen tot aan de pas van Bet-Choron. (..) Toen hun vijanden de pas van Bet-Choron afvluchtten, wierp de HEER vanuit de hemel grote hagelstenen op hen, tot aan Azeka toe. Er stierven meer soldaten door die hagelstenen dan door de zwaarden van de Israëlieten. (..) Want op die dag had Jozua gebeden tot de HEER: (..) “Zon, sta stil boven Gibeon. Maan, sta stil boven de vlakte.”  En de zon stond stil, en de maan bleef staan, tot Israel zijn vijanden had afgestraft.

De steden hebben eeuwenlang dienst bewezen aan Israel door hun strategische ligging. Koning Salomo heeft ze versterkt rond 950 vC. Judas Makkabeus versloeg hier de Syrische generaal Seron in de Slag om Bet-Choron (ca 166 vC). De steden werden door Bacchides opnieuw versterkt, en opnieuw in de strijd tegen Holofernes (over hem lees je meer in het bijbelboek Judith). In 66vC was de eerste Romeins-Joodse oorlog en werd generaal Cestius Gallus hier verslagen en teruggedreven.

Zelfs vandaag bestaan de steden nog als het Palestijnse Beit Ur al-Fauqa en Beit Ur al-Tahta, bij de aangrenzende Israëlische stad Beit Horon.

Seëra: zo’n bijzinnetje in een geslachtsregister, en toch zo’n invloed.

Seëra, de bouwer.



Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.